De Gelukkige Kat

Gedragstherapie voor katten

Waarom ik kattenbak liever niet wil gebruiken, vanuit de kat gezien... ( Uit: Wat uw kat u vertelt; Vicky Halls)

 

Ik voel me niet goed. Ik heb blaasontsteking en ik moet de hele tijd plassen.

Ik voel me niet goed. Ik heb diarree en ik haal de kattenbak gewoon niet.

Ik ben oud en wil mijn behoefte binnen kunnen doen.

Ik ben niet meer zo piep en mijn gewrichten zijn stijf en doen soms zeer; de wanden van de kattenbak zijn te hoog om er gemakkelijk in te

komen en bovendien is ie veel te klein. Ik heb meer ruimte nodig om te draaien want het gaat allemaal wat stroef de laatste tijd. 

Er staat binnen geen kattenbak en toen ik zat te plassen tussen de coniferen werd ik bang gemaakt door een buurtkat. Wat een stress, hier word ik niet blij van en ik heb er geen zin in om me te moeten haasten.

Mijn baasje heeft buiten een geweldige feng shui tuin aangelegd, maar op mijn favoriete poepplek ligt nu beton.

Het giet van de regen en het stormt en er is binnen geen kattenbak.. nou moet ik naar buiten, bah, dan word ik helemaal nat en daar heb ik helemaal geen zin in. 

De kattenbak is nog dezelfde die ik als kitten had. Maar nu ben ik groter en kan ik me er

niet meer gemakkelijk in omdraaien en er in graven.

Die overdekte kattenbak is allemaal leuk en aardig, maar ik ben een grote kat en ik kan er niet zo lekker in poepen als op het tapijt.

De hond staart me aan als ik op de bak ga. Waar blijft mijn privacy?

De kattenbak staat naast de wasmachine en die gaat ineens aan, ik schrik me kapot en wat een lawaai!

De houtkorrels in de bak waren misschien prima toen ik nog een kitten was, maar nu ben ik zwaarder. Het is net zoiets als met blote voeten op een kiezelstrand lopen. Bovendien blijft het tussen mijn pootjes zitten en dat vind ik vies.

De plastic bekleding in mijn bak gaat tijdens het graven tussen mijn nagels zitten en dan krijg ik grit in mijn ogen, dat is niet fijn.

Ik heb één bak en ik hou er echt niet van om op een en dezelfde plek te plassen én te poepen.

Mijn baasjes maken mijn bak niet vaak genoeg schoon;  ze vindt het niet stinken omdat er een kap opzit. Maar als ik erin stap, springen de tranen me in de ogen. Jakkes wat een stank!

Mijn baasje heeft mijn kattenbak op zo'n onhandige plek neergezet dat ik allerlei toeren moet uithalen om erin te komen; over de kast en de stofzuiger klimmen, dan nog door een luikje.. tegen de tijd dat ik er ben is het al niet meer nodig.

Ik moet de bak delen met mijn broertje, Maar zo graag mag ik hem niet; ik wil gewoon mijn eigen wc.

Mijn bak staat vlak naast mijn etensbakje. Jasses, dat is toch vies?

Van Roetje mag ik niet op de bak; hij zegt dat die van hem is.

Mijn baasjes gebruiken een dennengeurverfrisser voor mijn bak. Wat is in vredesnaam dennengeur?  Ik vind het zo'n rotlucht!

Ik moet een bak gebruiken die vlak naast de terrasdeuren staat en als ik erop zit, gaat de

kat van de buren door het raam gekke bekken naar me zitten te trekken.

De kattenbak staat vlak bij het kattenluikje. Stel nou dat er een vreemde kat binnenkomt als ik erop zit, dan kan ik me toch niet verdedigen?

Mijn baasjes leggen altijd een krant in mijn bak, maar ik mag van hen niet op kranten plassen voordat ze die hebben gelezen. Dat is toch onredelijk?

De laatste keer dat ik op de bak ging duwde mijn baasje me een pilletje door de strot. Hee, ik ben toch geen gekke Henkie? Ik ga er niet meer op hoor, ik vertrouw het voor geen cent.

Ja, hallo ik ben wel een Pers hoor! Wat is dat, een kattenbak? ( Sorry Perzen baasjes! Het goede nieuws is dat er tegenwoordig minder onzindelijke Perzen zijn dan een paar jaar geleden. Hopelijk is dit een goed teken).